Romige schnitzelgratin met braadworst en kaas

Deze romige schnitzelgratin met braadworstvlees en kaas is hartig, romig en precies zo’n gerecht dat altijd smaakt. De combinatie van gekruide varkensschnitzels, een laag braadworstvlees, champignons, geraspte kaas en slagroom zorgt voor een stevige ovenschotel met een mooi gegratineerde bovenkant en een zachte, sappige binnenkant.

Doordat alles samen in één ovenschaal wordt bereid, kunnen de smaken tijdens het bakken goed met elkaar mengen. De schnitzels blijven onder de rijke topping mooi mals, terwijl de kaas aan de bovenkant smelt en licht goudbruin wordt. De room loopt tussen de verschillende lagen door en vormt samen met het vlees, de champignons en de kaas een hartige saus.

Het is echt comfort food: eenvoudig om voor te bereiden, royaal van smaak en geschikt voor een warme maaltijd waarbij je iets stevigs op tafel wilt zetten. Serveer de schnitzelgratin direct uit de oven met pasta of aardappelen en een salade.

Ingrediënten
Zout, peper en nootmuskaat
125 ml (⅛ liter) slagroom
30 g geraspte kaas
Paprikapoeder
5 varkensschnitzels
300 g braadworstvlees (alleen de vulling)
1 blikje champignons, uitgelekt
1 ui
Vet/olie voor de ovenschaal
Bereiding
Verwarm de oven voor op 210°C met boven- en onderwarmte. Een goed voorverwarmde oven is belangrijk, omdat het gerecht dan vanaf het moment dat de schaal naar binnen gaat gelijkmatig begint te bakken. Vet ondertussen de ovenschaal in met het aangegeven vet of de olie. Verdeel het vet goed over de bodem en langs de delen waar het vlees komt te liggen, zodat de schnitzels tijdens het bakken niet gemakkelijk aan de schaal vastplakken.

Kruid de schnitzels eerst met zout, peper en paprikapoeder. Zorg ervoor dat de kruiden zo gelijkmatig mogelijk over het vlees worden verdeeld, zodat niet één gedeelte sterk gekruid is terwijl een ander deel weinig smaak heeft.
Verdeel vervolgens het braadworstvlees over de schnitzels. Gebruik alleen de vulling van de braadworst, zoals aangegeven in het recept. Verdeel het vlees rustig over het oppervlak van iedere schnitzel en probeer een vrij gelijkmatige laag te maken. Een gelijkmatige verdeling helpt ervoor te zorgen dat het braadworstvlees overal ongeveer hetzelfde gaart.

Leg de belegde schnitzels daarna in de ingevette ovenschaal. Leg ze zo neer dat ze stabiel liggen en dat de laag braadworstvlees bovenop blijft. De schnitzels vormen de stevige basis van de gratin, terwijl het braadworstvlees tijdens het bakken extra hartigheid en sappigheid toevoegt.

Laat de champignons goed uitlekken voordat je ze over de schnitzels verdeelt. Daardoor komt er niet onnodig veel extra vocht in de ovenschaal. Verdeel de champignons vervolgens over het vlees, zodat je bij het serveren in elke portie zowel schnitzel als braadworstvlees en champignons krijgt.
Verdeel daarna de geraspte kaas over de bovenkant. Probeer ook hierbij de kaas gelijkmatig te verdelen. Tijdens het bakken smelt de kaas over de champignons en het vlees en ontstaat er een hartige, licht gegratineerde bovenlaag.

Giet vervolgens de 125 ml slagroom over het geheel. Verdeel de room rustig over de schaal, zodat deze niet uitsluitend op één plaats terechtkomt. Tijdens het bakken zakt de room gedeeltelijk tussen de ingrediënten en vormt hij samen met de vleessappen en de kaas de romige saus die kenmerkend is voor dit gerecht.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *